fbpx
Image default

Ook tweede planeet van ster Bèta Pictoris in beeld gebracht

Met behulp van het GRAVITY-instrument, dat het licht van alle vier de 8-meter telescopen van de ESO-sterrenwacht op Paranal (Chili) met elkaar verenigt, is voor het eerst een directe opname gemaakt van een exoplaneet die eerder al via de zogeheten radiale-snelheidsmethode was opgespoord.
De planeet, die om de nabije ster Bèta Pictoris cirkelt, stelt de bestaande theorieën voor de vorming van grote gasplaneten op de proef.
Met de radiale-snelheidsmethode kan uit het spectrum van een ster worden afgeleid of een ster door om hem heen draaiende planeten aan het schommelen wordt gebracht.
Uit de grootte van die schommelingen kan vervolgens de massa van de planeten worden afgeleid.
Een directe opname van een planeet geeft informatie over diens intrinsieke helderheid.
Daarbij gaat het niet om sterlicht dat door de planeet wordt weerkaatst, maar om het (infrarood)licht dat hij zelf produceert doordat hij afkoelt.
Met name jonge planeten, die nog heet zijn ten gevolge van hun vormingsproces, kunnen daardoor heel helder zijn. In 2008 ontdekten astronomen dat rond Bèta Pictoris, een ster op slechts 63 lichtjaar, een forse planeet cirkelt.
Vorig jaar kwam daar de ontdekking van een mogelijke tweede planeet bij.
Het verschil tussen beide ontdekkingen was dat de eerste planeet – Bèta Pictoris b – via directe opnamen werd opgespoord, en de tweede – Bèta Pictoris c – via de schommelbeweging die hij bij zijn ster veroorzaakt.
Astronomen zijn er nu in geslaagd om ook van deze laatste planeet, die op veel kleinere afstand om zijn moederster cirkelt, directe opnamen te maken.
Tot verrassing van de astronomen is Beta Pictoris c in vergelijking met Beta Pictoris b nogal lichtzwak.
Hoewel beide planeten ruwweg evenveel massa hebben, is planeet b zes keer zo helder als planeet c.
De bestaande modellen voor het ontstaan van planeten hebben moeite om dat verschil te verklaren.
Grote planeten als deze bestaan waarschijnlijk uit een vaste kern, omgeven door enorme hoeveelheden gas.
Voor het ontstaan van deze planeten bestaan twee theorieën.
Volgens het klassieke ‘schijfinstabiliteitsmodel’ zouden zulke gasreuzen zich rechtstreeks vormen uit het gas en stof dat om een pas ontstane ster achterblijft (een vaste kern ontstaat dan niet).
Het ‘kernaccretiemodel’ stelt echter dat zich eerst een kern van vast materiaal vormt, die vervolgens gas uit zijn omgeving inzamelt. Het schijfinstabiliteitsmodel voorspelt dat eenmaal gevormde planeten heel heet en helder zijn.
Dat lijkt niet goed te passen bij de waargenomen eigenschappen van Beta Pictoris c, die zich ook nog eens te dicht bij zijn ster bevindt om op die manier te kunnen zijn ontstaan.
Anderzijds lijkt planeet c weer wat te heet om via kernaccretie te zijn gevormd.
Toch houden de astronomen het erop dat dit het meest waarschijnlijke ontstaansproces voor deze planeet is. (EE)
(Image Credit: Axel Quetz / MPIA Graphics Department)

Ook interessant

Mogelijk veel meer water te vinden op de maan

stipmedia

Actieve vulkanen voeden zwavelatmosfeer van Jupitermaan Io

stipmedia

Astro-timelapses: de sterrenhemel in beweging

stipmedia

Ons Melkwegstelsel heeft een klonterige halo

stipmedia

Bestaan van ‘nabij’ zwart gat in twijfel getrokken

stipmedia

Draait het zwarte gat in het Melkwegcentrum langzaam?

stipmedia